| Katoeska wil graag een aai |
|
|
|
| Sunday 10 February 2008 | |
|
Eigenlijk heeft Katoeska een hartstikke druk leven. Elke week is ze te vinden in een verpleeg- of verzorgingshuis. Om zich alleen maar te laten aaien en vertroetelen. Katoeska is één van de 24 aaihonden die deelnemen aan het Aaihonden Project. Het vrijwilligersproject is tien jaar geleden opgezet door hondensportvereniging De Vrije Sprong in ’s-Gravenzande. De ene week bezoekt Katoeska op woensdag en donderdag ouderen in de Pieter van Foreest-zorginstelling locatie De Naaldhorst, de andere week gaat ze op de donderdag naar de ’s-Gravenzandse locatie Sonnevanck. „De honden maken de ouderen echt blij. Zeker op de gesloten afdeling kijken die mensen echt uit naar onze komst. Dat geeft zoveel voldoening,’’ vertelt Scheffers enthousiast. Behalve dat ze Katoeska’s baasje is, coördineert de Heijdse het Aaihonden Project. Zes jaar lang bezoekt ze inmiddels met haar hond - een vuilnisbakkenras - Westlandse verzorgings- en verpleeghuizen. Dat is te merken ook. Het is dat Katoeska af en toe moet wachten totdat haar baasje de deur eindelijk voor haar opent, maar anders had ze nóg sneller bij de senioren onder de tafel gezeten. Op deze donderdagmiddag is het tijd voor een bezoekje aan de afdeling dagopvang in De Naaldhorst. Eenmaal aangekomen is ze in een oogwenk verdwenen. „Ze weet precies waar ze moet zijn,’’ glimlacht Scheffers. „Zo hier en daar krijgt ze onder de tafel nog wel eens stiekem wat.’’ Maar koffietijd is het nog niet. Katoeska moet eerst even aan het werk. Bezoekers die zin hebben, mogen mee naar buiten om samen met de honden een rondje te lopen in de tuin. „Vaak willen ze de honden dan ook vasthouden. Vooral op de gesloten afdeling zitten veel mensen die vroeger thuis ook een dier hadden. Als wij met onze honden langskomen, vinden ze dat hartstikke leuk,’’ ervaart de Heijdse. „Cliënten van de dagbehandeling lijden aan beginnende dementie en mogen elke middag weer naar huis. Die hebben soms zelf nog een hond, maar ook daar zijn veel dierenliefhebbers.’’ De aanwezigen op de dagopvang krijgen om de week bezoek van Katoeska. En niet alleen van haar. Ook nog drie andere baasjes laten hun dieren gewillig aaien. „Ze kunnen het over het algemeen prima vinden met zijn vieren. Dat moet ook wel, want anders gaat het niet. Niet alle honden zijn voor dit werk geschikt. Katoeska is altijd een rustige hond geweest en vindt het geweldig.’’ Na een rondje door de tuin te hebben gewandeld is het dan eindelijk koffietijd. De aaihonden lopen druk heen en weer. Een aaitje hier, een snoepje daar. Meneer Moesker vinden de beestjes op deze middag wel heel aardig. Twee snuiten steken net boven de tafel uit, smachtend naar een stukje van zijn ‘lange vinger’. „Hij heeft vroeger een hond gehad. Als deze dieren op bezoek komen, zie je hem gewoon helemaal opfleuren,’’ merkt Arina Kardol, medewerkster op de afdeling dagbehandeling. Daarom deelt meneer Moesker maar wat graag zijn lange vinger met Katoeska en een van de andere honden. En Katoeska? Die vindt haar baantje volgens haar baasje maar wat mooi. „Zodra ze thuiskomt, is ze doodop, maar ze geniet echt van die aandacht.’’ |
| < Vorige | Volgende > |
|---|




