Home arrow Artikelen arrow Archief alle artikelen arrow Een waf is geen woef
Een waf is geen woef PDF Afdrukken E-mail
Saturday 19 January 2008

Is ‘waf’ wezenlijk anders dan ‘woef’? Volgens een team van internationale gedragsbiologen wel. Het team toonde deze week aan dat het blaffen van een hond die blij is significant anders is dan het blaffen van een hond die angstig of boos is.

Hondenkenner Martin Gaus is blij met dit wetenschappelijk onderzoek, al brengt de inhoud hem weinig nieuws. „Iedereen die zijn eigen hond een beetje kent, merkt dat verschil aan de hond,’’ zegt Gaus. „Wanneer de baas thuiskomt blaft de hond anders dan wanneer er een vreemde voor de deur staat. Maar dat is nooit eerder wetenschappelijk bewezen.’’

 

Volgens de gedragsbiologen blaffen honden om te communiceren met mensen. „Dat doen ze zeker,’’ zegt Gaus. „Honden manipuleren er mensen mee. Ze begrijpen mensen beter dan dat mensen honden begrijpen. Voor elk commando hebben ze een ander blafje: doe de deur open, ga uit mijn buurt, geef me eten... Dat blaffen doen honden niet onderling, alleen tegen de mens. Omdat ze weten dat er een baas is die dan de waterbak vult. Er is geen hond die tegen een andere hond zegt: ‘m’n waterbak is leeg’.’’

Jan van den Brand, gedragstherapeut voor honden, hecht weinig geloof aan de uitkomsten van het onderzoek. „Honden blaffen wel degelijk naar elkaar. Ik zie dat in de praktijk gebeuren. Dat honden voor een bak water anders blaffen dan wanneer er een vreemde aan de deur staat klopt. Maar om dat te kunnen onderscheiden, moet je je hond wel heel goed kennen.’’

Of je zet je computer aan. De gedragsbiologen hebben namelijk ook een programma ontwikkeld dat de verschillende soorten blaffen weet te identificeren.

Lydia van Oostveen van de Vereniging Hondenbezitters Vondelpark verstaat haar hond zonder computer al goed. ,,Als andere honden in het park aan zijn bal of stok komen, gaat mijn boxer grommen. Als ik ’m dan corrigeer, begint ie tegen me te blaffen. ‘Woef, woef, woef’. Dan zegt ie tegen me: ‘mama, je hebt de situatie niet goed ingeschat’.’’

‘Noa blaft nooit, ze praat met haar ogen’
Louise en Marinus Oldenburg lopen met hun Duitse herder Noa door het Kralingse bos in Rotterdam. ,,Zit, zit, zit,’’ commandeert Louise. Noa lijkt haar niet te verstaan. Louise verheft haar stem: ,,Ga zit!’’ De communicatie lijkt niet optimaal te verlopen. Hoe is het andersom? Wil Noa wel eens wat aan haar baas kwijt? ,,Noa blaft nooit, ze praat met haar ogen. Maar ik weet dan niet precies wat ze wil.’’

‘Hij blaft uit agressie, niet om aandacht’
Elisabeth Berkhof loopt met de hond van haar dochter: Toby. Ze heeft over het recente onderzoek gelezen. ,,Het zou best kunnen dat honden blaffen om te communiceren met mensen. Maar Toby heeft geen reden om te blaffen: hij hoeft nooit te vragen om aandacht of voedsel. Alleen als Toby een paard ziet of een kat in de tuin, begint-ie te blaffen. Volgens mij is het agressie. Dan wordt-ie boos.’’

‘Bobby begint te piepen als-ie iets wil’
Bep Groen trekt de achterklep open en laat haar labrador Bobby en Welle, de hond van haar dochter, uit de auto springen. ,,Bobby heb ik nu acht jaar,’’ zegt ze. ,,Hij blaft eigenlijk nooit. Als-ie water wil, loopt-ie naar de kraan of naar zijn bak en op vreemden komt-ie vrolijk afgelopen.’’ Bobby draait ongedurig om Bep heen en begint te piepen. ,,Dat doet-ie dus wel, zo van: ik wil nu weg, houd eens op met praten.’’

 
< Vorige   Volgende >